De Kaapverdische Eilanden zijn een nogal onontgonnen gebied. Je hoort wel dat mensen er zijn geweest, maar dan niet verder dan Sal of Boa Vista, waar de all inclusive reuzen liggen. Prima strand- en kitebestemmingen, maar de Kaapverden hebben nog zoveel meer te bieden! Ik kan er zelf niet heel veel over terug vinden, dan wat zouteloze artikelen met alleen maar droge informatie. Het is al even terug dat ik er ben geweest, maar ik denk je toch te kunnen helpen met mijn artikel. 

Sal, het zouteiland

Eiland dat vooral prachtige stranden heeft. Excursiemogelijkheid naar Pedra de Lume, een zoutmijn uit 1805 welke vandaag de dag nog steeds werkt. In het plaatsje Santa Maria kun je leuk eten in restaurant Odjo d’Agua, met uitzicht op zee. Santa Maria is uitgegroeid tot een gezellig dorp waar je heerlijk kunt flaneren en dineren. De headerfoto van dit artikel is bij Pedras de Lume genomen en een van mijn favoriete foto’s aller tijden. Tegenwoordig kun je voor een scrubbehandeling en modderbaden naar de zoutmijn.

Fogo, vuureiland

Dit eiland heeft op mij de meeste indruk gemaakt. Het is er heerlijk rustig en de inwoners leven zeer eenvoudig, dat is absoluut de charme van dit verstilde eiland. Op het eiland ligt een vulkaan (2849 m) welke nog steeds aktief is. In 2014 is deze vulkaan nog uitgebarsten. Vanaf Fogo kun je met een boot de zee op om te gaan vissen (ook op haaien!) of te duiken. Deze spot is wel voor de echt ervaren duikers.
Een tocht naar de vulkaan of een wandeling naar de krater zijn natuurlijk een must. Tevens heeft het eiland een prachtig bos, met eucalyptusbomen en een koffieplantage. Probeer de Mosteiros-koffie en neem deze desgewenst meenemen naar huis!

Sao Felipe of Filipe is een klein plaatsje met een paar restaurants, op straat wordt ‘s avonds muziek gemaakt door de plaatselijke jongeren, het voelt hier enorm veilig en kneuterig aan. Het eiland heeft ook maar ongeveer 37.000 inwoners. Net zoveel als mijn hele dorp.

Chá das Caldeiras is een dorp in de oude kraterring. Alles wat de mensen die hier wonen nodig hebben kunnen ze zelf maken. Zelfs een enorme lekkere Fogo-wijn, gemaakt zonder chemische toevoegingen. Het dorp heeft een bar annex winkel en het leven is eenvoudig.

Toen ik binnen liep in het winkeltje waren er een paar mannen een heerlijk deuntje aan het spelen (Kaapverdianen hebben een rijke muziekcultuur, zoek alvast maar wat op op Spotify!) , waaronder ook de barman/supermarktmanager. Het liedje werd eerst helemaal af gespeeld. Vervolgens kwam er een kind met blond kroeshaar en felblauwe ogen (er hebben ooit Vikingen huis gehouden) kijken wie er waren aangekomen. Ze begon aan de klittenbandsluiting van mijn tas te prutsen en me te aaien. Nu het liedje klaar was, kon ik mijn aankopen gaan doen.  Bijna ondenkbaar voor ons, deze manier van klantbenadering, maar het is echt zo, wij hebben een klok, Afrikanen de tijd. Het blonde meisje wil in mijn armen springen. Ik vind het prima. Het mooie is namelijk dat je door er te zijn ook mee gaat in het trage ritme van de eilanden.

Als je nog even doorrijdt naar boven vanaf Chá das Caldeiras, nog voorbij de druivenplantages die tegen de helling van de vulkaan geplant zijn, kom je aan het ‘einde van de wereld’  Op deze hoogte hoor je niets meer, geen insecten, geen vogels, hier heerst absolute stilte. Er zijn mogelijkheden om in dit dorp bij mensen thuis te slapen, ook is er een pousada. In Pousada Pedra Brabo liggen de kamers in U-vorm rondom een kleine tuin. Het uitzicht vanuit deze tuin is práchtig!  Je kijkt tegen de wanden van de oude vulkaankrater. ’s Avonds wordt er lekker voor je gekookt.

Santiago, schateiland

Het grootste eiland van de archipel is tachtig kilometer lang. Dit eiland is erg divers aan vegetatie. Er loopt een grote weg door de bergen en een andere grote weg langs de kust. Je startpunt is hoe dan ook Praia, want daar is ook de luchthaven. Praia is een drukke stad, hier zijn tientallen restaurants, maar verder niet speciale bezienswaardigheden. Er zijn is eigenlijk al genoeg.
Neem je de route door de bergen dan kom je langs kamerplanten die skyhigh zijn gegroeid, de bergen hebben hier en daar bizarre vormen. Bezoeke ook zeker Ciudade Velha, een oude vesting met kanonnen en daarachter een enorme canyon.
Aan het einde van de weg zul je in Tarrafal komen. Een miniscuul kustplaatsje met een idyllisch strandje.
Rij je weer terug? Neem dan de kustweg, hier is het veel droger en heb je een fenomenaal uitizicht op grillige kliffen, je waant je werkelijk in een piratenfilm.

tarrafal, reizen naar de kaapverdische eilanden

Het paradijsje Tarrafal

reizen naar de kaapverdische eilanden

De canyon bij Ciudade Velha

Zomaar wat straatbeeld onderweg, bij de slager

Sao Vincente, een Caribisch eiland

Een klein eilandje, van dertig bij twintig kilometer. De leukste bezienswaardigheid is de koloniale stad Mindelo, met een aantal gezellige restaurants en barretjes. Hier is ook de haven vanwaar de ferries naar Santo Antao vertrekken.

Wij verbleven hier in hotel Foya Branca, aan de baai van São Pedro. Foya Branca heeft verschillende kamertypes van twee-, drie en vierpersoonskamers, junior suites en villa’s met meerdere slaapkamers en een kitchenette.

Wij verbleven in de laatste wat we onze Villa Felderhof noemden. Voor de deur ligt een breed zandstrand en vanaf het complex is een transferbusje naar de hoofdstad van het eiland, Mindelo. Mindelo zou niet misstaan op een Caribisch eiland, de huizen hebben kleurige gevels en de inwoners zelf zijn, zoals overal op de eilanden een vrolijke mix van Portugees en Afrikaans bloed. De eilanden waren vroeger een belangrijke plek voor de slavenhandel en dat zie je terug in de bevolking.

Doen op Sao Vincente:
– de boot nemen naar Santo Antao en daar mountainbiken met eventueel een overnachting in Ribeira Grande (*)
– duiken, zelfs vanaf de kant in de baai. Voor de geoefende duiker is een uitstapje naar Santo Antao een must!
– je boek eens uitlezen met uitzicht op de Atlantische Oceaan

* De afvaarttijden van de ferry zijn aan verandering onderhevig, wanneer het te hard waait (en dat kan plotseling opsteken op deze eilanden) dan vaart de boot niet, als je vraagt wanneer de boot dan wel gaat krijg je het volgende antwoord: ‘Maybe tomorrow, maybe the day after tomorrow’. Dat geldt dus ook voor de terugreis!

Santa Antao, het ruige outdoor eiland

Eiland met bergen, canyons, valleien en kleine zandstrandjes. Je kunt het eiland heel mooi per ferry bereiken. Dit eiland is een walhalla voor natuurliefhebbers, er zijn een groot aantal wandel- en mountainbikeroutes uitgezet. Wanneer je wilt blijven slapen kun je ter plaatse iets regelen bij de plaatselijke bevolking of overnachten in een van de pensions.

De eilanden die ik niet heb bezocht heb ik ook niet beschreven, maar de Kaapverden bestaan dus ook nog uit Boa Vista, Branco (onbewoond), Razo (onbewoond), Santa Luzia (een eiland waar nu alleen een meteorologisch station is gevestigd), Sao Nicolau, Brava en Maio.

Algemene tips voor de Kaapverdische Eilanden

– zorg dat je niet al te vastomlijnde plannen hebt voor je bezoek. Het kan tussen de eilanden nogal spoken, waardoor boten en vluchten soms niet gaan of een halve dag later.

– lang niet alle eilanden zijn ingericht op toerisme. Het is Afrika. Dat betekent: stroomuitval op de meest onhandige tijdstippen, vervoer wat misschien wel of niet gaat en een zeer flexibel tijdsbesef. Hou hier rekening mee! Accommodaties zijn niet altijd ingericht naar Europese maatstaven, wil je een luxe vakantie, kies dan voor een verblijf alleen op Sal of Boa Vista of sla de Kaapverden even over!

– travel light, je reist best veel en vaak met kleine vliegtuigjes of de ferry, dus je kunt maar beter niet te veel in- en uit te pakken hebben


Heb je vragen over jouw route? Mail mij gerust, dat vind ik leuk!

Print Friendly, PDF & Email